Welkom: Inloggen
Body: 

Linda Malherbe: "Het verhaal van de Volksuniversiteit leest als een intrigerend en spannend boek dat je gewoonweg uit wilt hebben"

Linda Malherbe, de oprichtster van Verhalenhuis Belvédère, hield een innemende toespraak tijdens de viering van het honderdjarig jubileum op donderdag 23 november. Ze besprak het jubileumboek, gemaakt door Sanneke van Hassel en Carel van Hees en vertelde daarbij ook het verhaal van haar moeder, die jarenlang cursussen aan de Rotterdamse Volksuniversiteit volgde. 

Ik ben een meissie van Zuid,
kom voor de helft uit een Zeeuwse boerenfamilie.
Mijn moeder is dochter van een vrachtwagenchauffeur die
werkte aan de wederopbouw van Rotterdam.
Zij ging naar de huishoudschool en deed zich voor als 16-jarige terwijl ze nog maar 15 jaar was
om indruk te maken op mijn vader, een scheikundig ingenieur, die ze had leren kennen op bus 77.
Toen ze net drie weken 20 jaar was, kwam ik.
En al snel: twee broertjes.
We groeiden op met het verliezen of winnen van Feijenoord.
Volks is een benaming waar ik me zeer thuis bij voel.

Zij was ook meervoudig moeder: overblijfmoeder, voorleesmoeder, kleimoeder.
Kinderen waren haar ideaal; daar had en heeft ze nog steeds heel veel voor over.
Maar ze wilde zelf ook zo graag meer, meer weten,
was open, nieuwsgierig, dus toen ze maar even de kans ontdekte,
stapte ze over de drempel van de Heemraadssingel, hier de Volksuniversiteit binnen:
ze behaalde haar mavo diploma, havo diploma, Nederlandse literatuur volgde,
ze werd fan van Adriaan van Dis,
en daarna volgde ze zes jaar kunstgeschiedenis,
bij Maria (een achternaam is niet nodig, zei ze) en bij Kees Lafeber,
meer dan dertig jaar geleden begonnen.
Nu is ze vast elke zaterdag vrijwilliger in het Verhalenhuis en
ze leert nog steeds graag via ontmoetingen met andere werelden.
Zíj is een leven lang leren.

Het is maandagnacht – ik lees Sanneke van Hassel:
het grote verhaal van de geschiedenis van de VU - 100 jaar
leest als een intrigerend en spannend boek
dat je gewoonweg uit wilt hebben.
De plaatjes en vooral de personages voeren mij mee.
Ida van Dugteren met haar ‘onweerstaanbare dekselsche brieven’
waarmee ze mensen overhaalt als docent op te treden.
Haar drive om de echte arbeiders te bereiken,
maar ook gedetineerden, werklozen …
Zij noemt de VU steeds het clubhuis,
voor zelfontplooiing naar eigen aanleg en kunnen.
Haar tomeloze energie en doorzetten doorvoel ik uit Sanneke's letters.

Even later ontmoet ik in het boek haar opvolgster,
de ‘bezielde en bezielende Rotterdamse’ Tina Drost,
die iedereen voor zich weet te winnen.
De pagina’s spiegelen haar optimisme en ambitie,
ik voel nauwelijks tijd om te slapen, ik lees verder.
Snap meteen dat Theo Ruijter te kennen gaf in de voetsporen van deze vrouwen te willen treden.
En met hún ijzeren optimisme vindt hij samen met zijn team een nieuwe toekomst.
Ik lees: nieuwe onderwijspartners, andere lessen, cursisten als vrijwilligers en
Nederlands als tweede taal in een vierjarig traject.
De oplossingen inspireren.
Er wordt verhaald over de kleinschalige sfeer, de betrokkenheid en de saamhorigheid.
En ook de plekken in de stad spreken tot de verbeelding:
van de Vroedvrouwenkliniek, Villa Dijkzigt tot en met het woonhuis van Wilton.

Achterin komen de lessen, beter gezegd; de verhalen van de lessen
uit het dagelijkse reilen en zeilen op de Heemraadsingel.
Mooier zichtbaar maken kan eigenlijk niet.
Een paar zinnen wil ik voorlezen, want u heeft het boek nog niet gezien:

‘Sommige cursisten maken af en toe een aantekening, anderen schrijven de hele tijd mee. Met grote vanzelfsprekendheid deelt Harrie zijn kennis, er is niets verhevens aan.’

‘Een klassieke leraar, zoals je je de beste leraren van de middelbare school herinnert. Moeiteloos vult hij anderhalf uur met verhalen, herinneringen en anekdotes, telkens verbindingen makend met het heden.’

En:

‘Daarvoor zitten deze mensen hier: drie volle uren in opperste concentratie. Die dwingt Gio af, door onvermoeibaar te reageren op wat de leerlingen zeggen, met voorbeelden uit de dagelijkse praktijk te komen én grappen te maken.’

Zo komen de docenten over: opgewekt, doortastend, ervaren en toegewijd.
De gewone en daardoor prachtige foto’s van Carel van Hees maken
dat ik de mensen voel, die  mooie mix van cursisten,
met oprechte interesse, die allemaal echt verder willen komen.

Dit boek blijkt in een traditie te passen,
te beginnen met een 10-jarig jubileumboek.
En nu 100 jaar in woord en beeld.
Het eindigt met dromen voor de toekomst:
meer de stad in, meer Nederlands, en literatuur, meer andere talen.
Want in de wereld draait het om communicatie:
‘Hoe praat je met elkaar?’, zo eindigt het boek.
En ik lees: Hoe vertel je elkaar verhalen?

Als Verhalenhuis op Zuid voel ik een zielsverwantschap met de VU,
met de missie, met het plezier, de verwondering
én ook met de vorm van deze vertelling.
Met het boek is een geweldig verhaal zichtbaar gemaakt,
Iets om te bewaren en vooral door te geven,
Het menselijk of immaterieel erfgoed van deze stad.

Mijn moeder staat voor zovele Rotterdammers, oude en nieuwe,
er zijn nog zoveel mensen te bereiken,
ik wens de Volksuniversiteit een deel 2,
doe nog maar 100 jaar,
en kom vooral ook naar Zuid.

Gefeliciteerd allen met dit prachtige boek!

Tekst uitgesproken door Linda Malherbe (Verhalenhuis Belvédere) op 23 november 2017 ter ere van het honderdjarig jubileum van de Rotterdamse Volksuniversiteit. 

Linda Malherbe ontving onlangs de Laurenspenning voor haar inspanningen voor Rotterdam

Het boek Wat maakt u van het leven? Honderd jaar Rotterdamse Volksuniversiteit is gemaakt door schrijfster Sanneke van Hassel en fotograaf Carel van Hees. Voor 20 euro is het te koop bij de Rotterdamse Volksuniversiteit of in de boekhandel.

Lees meer over ons 100-jarig jubileum